De hoogleraar en filosoof Andreas Kinneging was eerder al cynisch over de Verlichting. Voor de duidelijkheid, de Verlichting was een cultureel-filosofische stroming in Europa die ruwweg samenviel met de 18de eeuw en overlapte de industriële revolutie.

De Verlichting die wordt gezien als een van de pijlers onder de westerse beschaving en zette grote wijzigingen in gang in het denken over religie, filosofie, kunst, wetenschap en politiek. Tijdens de Verlichting zag men haar nog niet als een stroming of een afgebakend tijdperk, maar als een maatschappelijk proces waarvan de ontwikkeling kon worden nagestreefd en die nog voortduurt.

De Verlichting gaf aanleiding tot modernisering van de samenleving door middel van individualisering, emancipatie, feminisme secularisering en globalisering. Het gelijkheidsbeginsel, de mensenrechten, en de burgerrechten vinden er hun wortels, net zoals het vrijdenken, het klassiek liberalisme, het socialisme, het anarchisme.

Andreas Kinnerling bevestig wat mij betreft ook de beïnvloeding van het Cultuur Marxisme. Het Cultuur Marxisme dat in tegenstelling tot de Verlichting niets heeft met het speuren naar waarheid.

Om een duiding te geven. Voor mij is Cultuur Marxisme de variant op het communisme van na 1917. Naast de economische had het marxisme een culturele poot. De marxisten waren na 1917 zo teleurgesteld dat de revoluties uitbleven dus veranderden ze van tactiek. Het resultaat, de Frankfurter Schule.

De Frankfurter Schule werd uiteindelijk het verbond van marxistische sociologen, die direct of indirect verbonden waren aan het in 1923 opgerichte Institut für Sozialforschung in Frankfurt. In 1933 weken ze uit naar de VS waar ze in de jaren zestig leidinggevend werden in de leer op de universiteiten. Later keerde een nieuwe generatie met hun ideeën terug naar Europa. Zie in dat licht ook de ‘veramerikanisering’ vanaf de jaren 60.

Waarheidsvinding is voor de Cultuur Marxist niets anders dan zijn normatief categoriseren, wat hiërarchisch denken veronderstelt en afbreuk zou doen aan diversiteit en pluriformiteit. Bij de Frankfurter Schule zijn het de minderheden die de voorhoede zijn van een revolutie en niet het aloude arbeidersproletariaat van Karl Marx. Je hebt het dan over feministische vrouwen, homoseksuelen, of mensen van een andere cultuur of godsdienst.

Het cultuurmarxisme kan waarheid uitsluitend sceptisch, ironisch en relativistisch (alle kennis is betrekkelijk) benaderen – iedere ‘waarheid’ zou altijd het product zijn van een specifieke economische klasse, culturele achtergrond of andere identiteit. Het cultuurmarxisme denkt dus niet in termen van universele waarheid maar enkel in termen van relativistische perspectieven die onlosmakelijk verknoopt zijn met belangen en identiteiten.

Ook het artikel van Andreas Kinneging bewijst eens temeer dat de Cultuur Marxistische invloeden groot zijn en nog springlevend is in de nationale en lokale bestuursstijl van de huidige links-liberale politici en vervlochten in onderwijs en universiteiten.

ps Ook naar hoogleraar Andreas Kinneging werd net als naar Paul Cliteur een onderzoek ingesteld: studenten klaagden over intimiderend gedrag