Dreigingsbeeld in bulkverpakking
Het voordeel van vooruitgang is overzicht.
Het voordeel van beleid is uniformiteit.
En het voordeel van een nieuw dreigingsbeeld is vooral: inkoopvoordeel.
Want laten we eerlijk zijn: als alle veiligheidsregio’s in Nederland tot exact dezelfde conclusies komen, dan kun je eindelijk groots inkopen. Eén type training, één type cursus, één PowerPoint over cyber, stroom en klimaat. Efficiënt, schaalbaar en vooral lekker veilig. Niemand hoeft nog zelf na te denken — dat scheelt weer risico’s.
Twente wapent zich tegen cyberaanvallen, langdurige stroomuitval en extreem weer. Brabant doet dat ook. Amsterdam idem. Gelderland-Zuid eveneens. Overal dezelfde woorden, dezelfde scenario’s, dezelfde tijdshorizon.
Alsof het dreigingsbeeld via een landelijke nieuwsbrief is verspreid, met de instructie: “Graag regionaal aanpassen, maar inhoudelijk niet wijzigen.”
Dat heeft iets geruststellends
Als iedereen hetzelfde ziet, kan niemand het fout hebben.
Cyber is eng. Stroomuitval is gevaarlijk. Klimaat is onvoorspelbaar.
Daar is geen speld tussen te krijgen.
En dus volgen congressen, bijscholingen en crisisoefeningen. Liefst grootschalig, liefst realistisch, liefst met evaluatieformulieren.
Maar terwijl de regio’s zich professioneel en eensgezind voorbereiden op de voorspelbare risico’s, dringt zich onvermijdelijk een andere vraag op: Waar is de ruimte gebleven voor het onverwachte?
Want nog niet zo lang geleden werd het hele land op slot gezet door…….een vleermuis. Geen cyberaanval, stroomstoring of klimaatincident.
Een onbekend virus, een vaag verhaal, een model dat harder liep dan de realiteit — en plotseling was alles een crisis. Zorg vastgelopen. Vrijheden beperkt. Bestuurders die “geen keuze” hadden en de prik nam je niet voor jezelf. Experts die elkaar tegenspraken, maar wel eensgezind op tv verschenen.
Huidig commissaries van de Koning in Zeeland Hugo de Jonge zijn woorden waren:
“We hebben in Nederland een kleine, uitvergrote minderheid die zich niet laat prikken. Ik snap überhaupt niet dat je onder het mom van de vrijheid zegt: ik weiger die prik, want de vrijheid. Ja, het is juist die prik die ons helpt die vrijheid weer te herwinnen op het virus. Het is niet de overheid die je vrijheid beperkt, het is het virus dat je vrijheid beperkt.“
En al wist hij vrij precies per postcode waar ongevaccineerden wonen, hij ging ons nog niet dwarszitten.
Verdwenen voor de evaluatie: de vleermuis
Opvallend genoeg lijkt die categorie dreiging nu volledig en voor de conclusie van de geregisseerde evaluatie commissie verdwenen.
Geen ziekten of infecties die van nature overdraagbaar zijn van gewervelde dieren op mensen.
Geen zoönosen en geen onbekende factoren.
En dat is opmerkelijk, want vleermuizen zijn zoönosen — maar ook de ziekte van Lyme is een zoönose. Overdraagbaar van dier op mens, gewoon hier, gewoon nu. Niet exotisch, niet hypothetisch, niet “ver weg”.
Toch lijkt het alsof dit risico is afgevinkt, verwerkt en netjes opgeborgen onder:
“Hebben we gehad.”
Dat is geruststellend.
En tegelijk… optimistisch
Want als er íéts is wat crises ons hebben geleerd, dan is het wel dat de volgende ramp zich zelden aankondigt volgens het draaiboek. Ze komt niet uit de top vijf van het risicoprofiel. Ze meldt zich niet aan bij de Veiligheidsregio. En ze houdt geen rekening met bijscholingsschema’s.
Maar goed, dat is natuurlijk lastig te trainen.
Daar kun je geen standaardcursus voor inkopen.
En vooral: daar kun je geen eenduidig beleid op plakken.
Dus richten we ons op wat wél beheersbaar voelt.
Op dreigingen die passen binnen modellen.
Op risico’s die overal gelden, voor iedereen hetzelfde zijn en zich netjes laten samenvatten in rapporten.
En ondertussen groeit het gevoel dat dit dreigingsdenken minder regionaal is dan het lijkt. Dat Twente, Brabant en Amsterdam niet zozeer zelf kijken, maar vooral herkennen wat elders al is vastgesteld. Dat het beleid niet van onderop groeit, maar van bovenaf landt — met ruimte voor nuance, zolang de conclusie overeind blijft.
Collectivistisch
Misschien is dat ook wel de echte les van deze tijd:
niet dat de dreigingen veranderen, maar dat het denken erover steeds centraler (en dus collectivistisch) wordt.
Dus laten we vooral hopen dat de volgende crisis zich netjes houdt aan het profiel. Dat hij digitaal is, of elektrisch, of klimatologisch. Dat hij bekend terrein blijft. Trainbaar. Managebaar. Inkoopbaar. Maakbaar.
En laten we vooral hopen dat er geen onbekende vleermuis voorbij komt. Want zo te lezen staat die niet meer op de lijst.
Of zou dat… ook van bovenaf zijn bepaald?
Geef een reactie